Egyptische groepssculpturen beelden vaak het productieproces van levensmiddelen en andere dagelijkse activiteiten uit. Ze werden rond de mummiekist neergezet. Zodoende beschikte de overledene ook in het hiernamaals over van alles.
Brood en bier behoorden tot de eerste levensbehoeften en werden gedurende het Middenrijk vrijwel altijd op deze wijze in het graf meegegeven. Het grote bierbrouwersmodel laat het productieproces van bier zien. Dergelijke groepsmodellen vallen op door de levendige compositie van het tafereel en het afwisselende gebruik van verschillende kleuren.
Het tweede model toont bakkers aan het werk. Aan het eind van het Middenrijk verdwenen deze groepsbeelden uit de grafinventaris.
12de dynastie (ca. 1900 v.Chr.), h. 38,1 cm
Behalve losstaande, houten beelden van de grafeigenaar en zijn dienaren, zette men in de rotsgraven van vlak na het Oude Rijk en gedurende het Middenrijk ook groepssculpturen rond de mummiekist neer. Deze ensembles, eigenlijk een soort maquettes, geven momentopnames weer uit het leven en werk van de grafbezitter en diens personeel. De activiteiten die ze verrichtten en de producten die ze afleverden - voedsel en drank - werden verondersteld op magische wijze ook in het hiernamaals realiteit te worden. De beschilderde, houten groepsmodellen van dienaren, neergezet in de nabijheid van de beelden van hun meesters, zijn de opvolgers van de individuele, meest van kalksteen gemaakte beeldjes uit het Oude Rijk, en vooral van al die eindeloze reeksen van personeelsleden en ondergeschikten, mannen en vrouwen, die op de reliëfs in de mastaba-kapellen te zien zijn. Tegen het eind van de 6de dynastie kwam er een eind aan de eerste grootse bloeiperiode doordat de farao's de lokale vorsten of provinciegouverneurs te veel hadden bevoordeeld en zo de macht over het land verspeelden. Egypte was daardoor als geheel onbestuurbaar geworden en de economie geraakte in een neerwaartse spiraal. De begraafplaatsen, economische eenheden op zichzelf, verarmden, konden nauwelijks meer worden bewaakt en vielen ten prooi aan plunderingen.
Uit voorzorg tegen het schenden van de graven en ook omdat de middelen ontbraken om deze te voorzien van dure, bovengrondse kapellen van steen met reliëfs en beeldhouwwerk, bracht men voortaan de beelden van de dienaren en hun meesters samen met de grafbijgaven onder in diep liggende, moeilijk toegankelijke rotskamers. Dicht opeengepakt, op en rondom de kist met de mummie, zijn zo tientallen modellen van dienaren door archeologen teruggevonden in tal van rotsgraven, van Sakkara in het noorden tot bij Aswan in het zuiden. Hiertussen bevinden zich groepen van slagers, bakkers, bierbrouwers, meubelmakers, veehouders en vissers, maar ook modellen van schepen met hun bemanning, gebouwen en zelfs van hele legers.
Een van de meest uitgebeelde thema's was de bereiding van brood en bier, in Egypte de basisvoedingsmiddelen. In offerlijsten nemen deze producten een prominente plaats in en bij de grafbijgaven ontbreken ze zelden. Bierkruiken en modellen van stukken brood komen vanaf de prehistorie in de graven voor. Ook het loon van arbeiders bestond uit brood en bier. Aangezien bier uit brood werd gemaakt, vinden we het bereidingsproces van de beide producten vaak gecombineerd uitgebeeld op de modellen. De collectie in Leiden bevat onder meer twee exemplaren die dat illustreren. Een groot bierbrouwersmodel laat de verschillende fasen van de bierproductie zien. Uit gerst wordt eerst brooddeeg gekneed. Boven een open vuur bakken de brouwers daarvan kegelvormige broden in vormen van aardewerk. De broden worden geweekt in water waaraan zoetstoffen zijn toegevoegd. Vervolgens laat men deze massa gisten. Daarna wordt het gegiste product gefilterd boven een groot vat en wordt het bier in grote kruiken van aardewerk overgegoten. De kruiken worden ten slotte afgesloten met een stopper van klei, waarin het zegel van de brouwerij wordt gedrukt. Kenmerkend voor modellen als deze is de sobere uitvoering, maar tegelijk ook de levendige compositie van de diverse figuren en voorwerpen. Het afwisselend gebruik van rood, geel en wit voor de figuren, en van rood en zwart voor de biervaten, maken het stuk tot een realistisch tafereel.
In de tweede hier getoonde groep, samengebracht in een bak die een werkplaats moet voorstellen, zijn bakkers aan het werk. Van een trapje dalen dragers met meelzakken af in de werkruimte, kennelijk om een voorraad gerstemeel aan te leggen. In een van de hoeken worden broden gebakken. Een man in een lange witte rok torst een groot vat, waarop een kleinere pot staat. Bij sommige modellen zijn de witte rokken en schorten van het ijverige brouwers- en bakkerspersoneel nog omwikkeld met een echt stukje linnen.
12de dynastie (ca. 1900 v. Chr.)
Aan het eind van het Middenrijk verdwenen zowel de aparte beelden van de dienaren alsook de groepsmodellen uit de grafinventaris. In de daarop volgende, zogeheten Tweede Tussenperiode (ca. 1650-1530), nam een nieuw soort figuren van dienaren hun plaats in: de shabti's of ushebti's (vgl. Werkers in het hiernamaals: shabti's en Shabti's uit de Late Tijd).