Nooit in Tibet
De aandacht van Mari Albert Johan van Manen (1877-1943) was al vroeg gericht op Chinese filosofie en de islam. Hij was niet geïnteresseerd in lessen op school, nam baantjes aan in Amsterdam en in Enschede, en bestudeerde de klassieke talen. In 1896 kwam hij in aanraking met leden van het Theosofisch Genootschap. Hij meldde zich aan, werd redacteur bij de Theosofische Uitgeversmaatschappij en vertaalde de theosofische klassieker Reincarnation. Hij had zich enige kennis van de Tibetaanse taal eigen gemaakt en boeken gelezen van vooraanstaande Duitse oriëntalisten. In het blad Theosophia liet hij de lezers kennismaken met facetten van de Tibetaanse godsdienst. Hij maakte een Nederlandse vertaling van de Tao Te Ch'ing van de wijsgeer Lao Tse. In 1903 vertrekt hij naar het Theosofisch Genootschap in Adyar, bij Madras.
|
| Johan van Manen, circa 1898 |
Van Manen schreef 35 artikelen over Aziatische kunstgeschiedenis, godsdienst en theosofische onderwerpen. Hij werd betrokken bij de publicatie Drie jaar in Tibet, geschreven door de Japanse monnik Eikai Kawaguchi. Als beheerder van de theosofische bibliotheek in Adyar hielp hij bij de fondsenwerving voor de aanschaf van de complete Tibetaans-boeddhistische canon (325 boeken). Hij verrijkte de bibliotheek met zo'n duizend oude teksten.
In 1918 werd hij waarnemend bibliothecaris van de Imperial Library in Calcutta. Vier jaar later mocht hij als tijdelijk assistent van de antropologische afdeling van het Indian Museum de Tibetaanse collectie reorganiseren. Hij was vooral geïnteresseerd in de materiële aspecten en de rituele context van de Tibetaanse godenbeelden. Meer dan tevoren ging Van Manen zich bezighouden met de bestudering van Tibet. Hij werd secretaris-generaal van de Royal Asiatic Society. Hij maakte er veel vrienden, maar ook vijanden. Misschien wel omdat, zoals gezegd werd, hij nooit onder de indruk was van louter academische titels. Van Manen, onderscheiden als Officier in de Orde van Oranje Nassau, Honorable Companion of the British Expire, Officier de l'Instruction Publique en Officier de la Couronne, vereenzaamde en stierf in 1943 aan een beroerte.
|
| Van Manen in 1932 |
In 1948 kocht het museum de collectie Van Manen. Chinese voorwerpen komen eerder van Chinezen uit Tibet dan uit China. Hoewel Van Manen aan het museum een belangrijke Tibet-collectie heeft nagelaten, is hij er zelf nooit geweest. De voorwerpen zijn door derden verzameld.
Enkele objecten die door Van Manen verzameld zijn:
| plaquette | offerlamp | boeddhabeeld | mani-steen | thangka |