| objectnummer | 1163-1 |
| objectnaam | beeld, dierfiguur |
| datering | 18e eeuw |
| materiaal | metaal, koperlegering, messing of brons ; gegoten ('cire perdue'/'verloren was'- techniek) |
| afmetingen | 52,5 cm |
| verwerving | 1898 AFRIK aankoop |
| geografische herkomst | Nigeria |
| culturele herkomst | Bini |
Deze haan stond op het altaar van een overleden koningin-moeder, een Iyoba. In de sokkel is tussen de poten van de haan een opening, bestemd voor offergaven, bijvoorbeeld kolanoten en kaurischelpen.
In het oude koninkrijk Benin werden ook aan de overleden koningin-moeders, de Iyoba's, voorouderaltaren gewijd. Naast bronzen gedenkkoppen van de Iyoba's stonden op deze altaren bronzen of messing hanen. De hanen verwijzen naar de rol van de Iyoba als beschermster en spion van de Oba. Volgens de overlevering gebruikten de eerste koningen van Benin een magisch wezen in de vorm van een haan als spion en beschermer.
De haan is bovendien een symbool van de Eson, de eerste vrouw van de Oba. Zij leert de jongere vrouwen de hofetiquette en -rituelen en is verantwoordelijk voor de vrouwenverblijven van het koninklijk paleis. Haar eretitel is 'Eson, Ogoro Madagba': de haan die kraait aan het hoofd van de harem. Zij heeft evenveel gezag als de mannelijke stadschiefs. Omdat zij verschilt van andere vrouwen en veel privileges en macht met de mannen deelt, is het niet zo verwonderlijk dat een mannelijk symbool als de haan gebruikt wordt om haar te eren.