| objectnummer | 2106-15 |
| objectnaam | jongensvest |
| datering | 1880-1920 |
| materiaal | leer, glas, textiel |
| afmetingen | L. ca. 29.0 cm B. ca. 62.0 cm |
| verwerving | 1927 NAMER aankoop |
| geografische herkomst | Plains |
| culturele herkomst | Sioux |
Dit jongensvest van de Sioux is geheel bezet met kralen. Het vest was voor feestelijke gelegenheden.
Voor de komst van de Europeanen versierden de Indianen van de Plains hun kleding met stekelvarkenpennen, quills, en met kralen, gemaakt van schelpen en dierentanden. In de zestiende eeuw kregen de Plains-Indianen via de handel met andere stammen beschikking over kralen van Venetiaans glas. Die waren erg duur en werden met mondjesmaat gebruikt. Vanaf het eind van de achttiende eeuw gebruikten handelsfirma's goedkope kralen als ruilmiddel om pelzen te kopen van de Indianen. Vooral de kleine glazen kralen, de zogenaamde seed beads, die rond 1840 op de markt kwamen, waren geliefd. Deze kralen kwamen uit Bohemen, en in mindere mate ook uit Frankrijk, Duitsland en Nederland. Ze waren steeds voorhanden, goedkoop en leverbaar in vele kleuren. Bij veel stammen werd het bewerkelijke quillwork van stekelvarkenpennen vrijwel geheel door kralenwerk verdrongen. De patronen van het vroege kralenwerk lijken erg op die van quillwork.