| objectnummer | 2207-2 |
| objectnaam | beeld, godheid |
| datering | 2e-4e eeuw |
| materiaal | grijze leisteen in hoog relief |
| afmetingen | H 45 ; B 30 ; D 10.5 cm |
| verwerving | 1930 ZAZIE aankoop |
| geografische herkomst | Pakistan |
| culturele herkomst | Gandhara; Indiaas |
De toekomstige Boeddha Maitreya zit op een lage en versierde troon in meditatiehouding. Hij houdt een nectar-vaas tussen zijn vingers. Maitreya draagt prinselijke kleding in de stijl van Gandhara. Zijn lange haar is gedeeltelijk omhooggestoken en vastgebonden met een juwelensnoer. Een urna, een ronde vlek die kenmerkend is voor beelden van boeddha's en bodhisattva's, siert zijn voorhoofd en een groot aureool omringt zijn hoofd.
Zoals Shakyamuni de historische Boeddha is, zo is Maitreya de Boeddha van de toekomst. Naar zijn komst zien de boeddhisten nog altijd uit. Volgens de verkoper komt het beeld uit de omgeving van Peshawar in Pakistan, dat ooit deel uitmaakte van de provincie Gandhara. Gandhara, in het noordwesten van het oude India (nu Pakistan en een deel van Afghanistan), was tussen de eerste en vierde eeuw n.Chr. een belangrijk centrum voor boeddhistische kunst. Het was ook een centrum van de handel met het westen. De Hellenistische en Romeinse invloeden zijn in de kunst van Gandhara duidelijk aanwezig. Dat blijkt bij dit beeld uit de weergave van de vorm van het gezicht, de kleding en het haar. De symmetrie van de lichaamshouding en de meditatieve gelaatsuitdrukking daarentegen weerspiegelen gelijkmoedigheid en zelfonderzoek. Dat zijn kenmerkende boeddhistische deugden.