| objectnummer | 2240-19 |
| objectnaam | architectuur (onderdeel) |
| datering | 2e-4e eeuw |
| materiaal | grijs/groene leisteen in hoog relief |
| afmetingen | H 14 cm ; B 7 cm ; Dp 6 cm |
| verwerving | 1931 ZAZIE aankoop |
| geografische herkomst | India; Pakistan |
| culturele herkomst | Gandhara; Indiaas |
Dit fragment van een reliëf, dat oorspronkelijk deel uitmaakte van de versiering van een fries, toont een vereerder. In zijn handen houdt hij een tros druiven en een papegaai. De vleugel aan zijn linkerschouder verraadt de invloed van de Hellenistisch/Romeinse kunst. Net als bij de putti, de gevleugelde jongetjes in westerse renaissance-kunst, gaat dat kenmerk terug op de afbeeldingen van de Griekse liefdesgod Eros (Latijn: Cupido). Ook andere elementen, zoals de haardracht, de houding en de attributen van de vereerder zijn sterk geënt op westerse voorbeelden.
Gandhara is de oude naam van een gebied in het huidige noorden en noordoosten van Pakistan en het uiterste oosten van Afghanistan. Dit gebied maakte in de eerste eeuwen van onze jaartelling deel uit van India, onder het regime van de Kushana-dynastie. Gandhara was destijds een belangrijk boeddhistisch bolwerk en een bloeiend cultuurcentrum. Het gebied onderhield handelscontacten met Centraal-Azië, China, Perzië, het Hellenistische gebied en zelfs Rome. De boeddhistische beeldhouwkunst van Gandhara vertoonde een mengeling van Indiase en Hellenistisch/Romeinse elementen.