| objectnummer | 2686-2 |
| objectnaam | figuur |
| datering | begin 20e eeuw |
| materiaal | aardewerk |
| afmetingen | H 44 cm ; B 18 cm ; Dp 14 cm |
| verwerving | 1948 MIZUA aankoop |
| geografische herkomst | |
| culturele herkomst | Karaïben; Surinaams |
Deze figuur van een vrouw is waarschijnlijk gemaakt voor de westerse markt.
Pottenbakken is bij de Karaïben, de oorspronkelijke bewoners van het kustgebied van Suriname, het werk van vrouwen. Om het aardewerk te bakken worden eerst oude potscherven op de grond uitgespreid. Daar bovenop komt een laag droge boomschors. Hierop plaatsen de vrouwen hun voorwerpen. Daarna stapelen zij er brandmateriaal omheen, zodat een kegelvorm ontstaat. Wanneer het vuur is uitgegaan, laten de pottenbaksters alles nog even in de as liggen zodat de keramiek geleidelijk afkoelt. De Karaïbische vrouw brengt beschilderingen aan op haar aardewerk met een penseel of een katoenen dotje. Zij schildert abstracte lijntekeningen soms aangevuld met puntjes. De figuren die zij schildert zijn geïnspireerd op de omliggende natuur: sterren, planten, vissen, vogels, savanne, bosdieren. Meestal wordt niet de gehele figuur afgebeeld maar een onderdeel ervan: staart van een vogel, poot van een sprinkhaan, genitaliën van een aap, oog van een vlinder, graten van een vis, voetsporen van een dier.