| objectnummer | 4075-1 |
| objectnaam | tabakszak |
| datering | 1880-1900 |
| materiaal | leer, stekelvarkenspennen, paardenhaar, metaal |
| afmetingen | L. ca. 48.0 cm B. 13.0 cm |
| verwerving | 1965 NAMER schenking |
| geografische herkomst | Plains- Northern |
| culturele herkomst | Sioux |
Deze tabakszak was het eigendom van een 'Wakicunzapi', een kampleider van de Sioux. Dat blijkt uit de kwaliteit van de uitvoering, met uitgebreide versieringen van stekelvarkenpennen, en uit de twee driehoekige flappen aan de onderzijde. Die flappen geven de waardigheid van de bezitter aan. Enkele kampleiders organiseerden het jaarlijkse zomerkamp, waar verschillende groepen bijeenkwamen om gezamenlijk op bizonjacht te gaan. De kampleiders bepaalden de kampplaats en wezen iedere groep hun plaats aan binnen de kampcirkel. Ze benoemden een van de krijgersgenootschappen tot politiemacht die toezicht uitoefende in het kamp en tijdens de jacht.
Tabakszakken werden vooral in de tweede helft van de negentiende eeuw op de Plains, de uitgestrekte prairies van Noord-Amerika, populair. Vrijwel alle Indiaanse mannen op de Plains bezaten een tabakszak. Dit getuigt van de belangrijke sociale en religieuze betekenis van roken. In de tabakszak bewaarde men de tabak, de stenen pijp en pijpenkop en ook een vuursteen en een stukje ijzer om vuur te maken. Ook veel vrouwen hadden een kleine tabakszak, met name voor sociaal gebruik. De mannen droegen de tabakszak meestal aan hun gordel. Bij feestelijke gelegenheden droegen zij hun pijp en tabakszak goed zichtbaar over hun linker onderarm.