Haarversiering


objectnummer5000-165
objectnaamgezichtssluier
dateringvoor 1978
materiaalweefsel ; zilver
afmetingenL 47 cm ; B max 48 cm
verwerving 1978 ZWCAZ aankoop
geografische herkomst Afghanistan
culturele herkomst Afghaans







Deze haarversiering wordt door vrouwen in Centraal-Azië op het achterhoofd gedragen. Haarversieringen van dit type werden meestal in een stedelijke omgeving gedragen. De uitgaanskleding van de stedelijke vrouw bestond uit een lange mouwloze jas, met aan de achterzijde twee valse mouwen die aan elkaar waren genaaid. De jas verhulde de vrouw geheel. Het gezicht werd bedekt door een dichte paardeharen of katoenen sluier. Deze werd ook gedragen door Turkmeense vrouwen in een stedelijke omgeving.

De nomadisch levende Turkmeense vrouwen hoeven niet gesluierd te gaan. Hun kleding is duidelijk rijker en meer gevarieerd dan die van de stedelijke vrouwen. Dat heeft onder andere te maken met de sterkere positie van de vrouw in het economische systeem van de nomaden. Vrouwen zijn immers belast met het hoeden van het vee. De stadsvrouwen daarentegen zijn meer aan huis gebonden. Bij de Turkmenen worden sluiers wel gedragen door meisjes die de huwbare leeftijd bereikt hebben. Wanneer zij een man tegenkomen, die niet tot hun naaste familie behoort, bedekken zij hun gezicht, omdat die man een toekomstige huwelijkspartner zou kunnen zijn.