| objectnummer | 5639-2 |
| objectnaam | zadel, paardenzadel |
| datering | Voor 1990 |
| materiaal | hout |
| afmetingen | L 48 cm, B 35 cm, H 27 cm |
| verwerving | 1990 ZWCAZ aankoop |
| geografische herkomst | Centraal-Azië |
| culturele herkomst | Turkmen |
Dit zadel is beschilderd met diverse motieven. Het is niet alleen een gebruiksvoorwerp, maar ook een manier om een paard mooi uit te dossen. Over het zadel werkt vaak een fraai geborduurd zadelkleed, een sjabrak , gelegd,
Als je nog één dag hebt te gaan in het leven, neem een paard; heb je twee dagen over, neem dan een vrouw. Dit spreekwoord wordt vaak aangehaald om de positie van de vrouwen bij de Turkmenen te illustreren; maar met wellicht meer recht kan gesteld worden dat de Turkmeen hier het alles overheersende belang van zijn paard tot uitdrukking brengt.
De Turkmenen op de steppen van de Centraal-Azië hebben een ruiternomadencultuur. Het paard is als het ware het alter ego van de man, het instrument waaraan de Turkmeen tijdens zijn rooftochten de voorkeur gaf boven alle andere wezens: 'Een prachtig schepsel waaraan deze zonen van de woestijn meer waarde hechten dan aan hun vrouw, hun kinderen en zelfs hun eigen leven.'
Deze waardering werd tot uitdrukking gebracht in de uitrusting van het paard en met name in het massieve zilveren tuig. In tegenstelling tot de Turkmeense vrouwen, droegen Turkmeense mannen nauwelijks sieraden, hooguit een ring, of soms een amulet onder hun kleding. Een man ontleende zijn prestige niet aan een rijke uitdossing, maar aan zijn persoonlijke moed, economische middelen, sociale relaties en leiderschapskwaliteiten. De enige kostbaarheden waarmee mannen wel pronkten, waren wapens en paardentuig.