printen     versturen    

Nederlanders en de slavenhandel

Al in de zestiende eeuw brachten Spaanse en Portugese schepen Afrikaanse slaven naar Amerika, om daar te werken op de plantages. Aanvankelijk was het Nederlandse aandeel in de slavenhandel beperkt. Dat veranderde, toen Nederlandse investeerders hun krachten bundelden in een handelscompagnie. 

In 1621 werd de West-Indische Compagnie (WIC) opgericht, officieel als handelsmaatschappij, maar de WIC gebruikte haar schepen vooral om rijke Spaanse schepen te veroveren. Nederland was in een langdurige oorlog met Spanje verwikkeld. In 1628 sloeg Piet Hein zijn grote slag en veroverde voor de WIC een hele Spaanse vloot volgeladen met het belastinggeld uit de Amerikaanse koloniën van een heel jaar: de Zilvervloot. De WIC had nu genoeg geld om de Portugese kolonie Brazilië en al haar plantages te veroveren. Al snel had men arbeidskrachten nodig om op de Amerikaanse suikerplantages in te zetten. De WIC besloot om het voorbeeld van Spanje en Portugal te volgen en ging slaven uit Afrika halen. In 1637 nam de WIC het onneembaar geachte fort van Elmina in. Dit fort aan de Goudkust, het huidige Ghana, werd de belangrijkste post voor de Nederlandse slavenhandel aan de West-Afrikaanse kust.

Oude afbeelding van het fort Elmina

De WIC had van 1621 tot 1734 het monopolie van de Nederlandse slavenhandel. Vanaf 1734 mochten ook particuliere reders slaven vervoeren. De grootste hiervan was de Middelburgse Commercie Compagnie, de MCC.

Hoewel in de loop van de 16de eeuw de Nederlanders de Portugezen hadden verdrongen als belangrijkste handelspartner, was voor de West-Afrikaanse Bini de Portugese handelaar het stereotype van de Europeaan. Tot en met de 19de eeuw zien alle Europeanen op het smeedwerk van de Bini uit als dezelfde 16de-eeuwse Portugese handelaar.

Afbeelding van een Portugees op een bronzen reliëf (RMV 1243-34)

Klik op het onderschrift voor informatie over dit voorwerp

De Nederlandse handelaren kochten slaven in ruil voor munten, Nederlands textiel, geweren en rum. Zo zijn Hollandse munten van de Verenigd Oost-Indische Compagnie (VOC) gevonden in Kumasi, de oude hoofdstad van het West-Afrikaanse Ashanti-rijk. Hoewel de VOC zich vooral richtte op Azië, werden de munten bijna overal in de wereld geaccepteerd.

VOC-muntjes (RMV 5951-1)

Klik op het onderschrift voor informatie over dit voorwerp