printen     versturen    

Oeverwal: een natuurlijke dijk

Dijken worden door de mens gebouwd om zich te beschermen tegen overstromingen. Toch maken rivieren ook hun eigen dijken. Die noemen we oeverwallen.

In gebergten zijn rivieren vooral verantwoordelijk voor de afbraak van gesteenten. Door erosie snijdt de rivier zich een weg in het gesteente. Op haar weg sleurt ze allerlei sedimentdeeltjes mee, zoals grind, zand en klei.

Enige honderden kilometers verderop echter, als de rivier het laagland bereikt, zien we een heel ander beeld. Aan de ene kant snijdt de rivier voor zichzelf een bedding uit, maar tegelijkertijd worden door dezelfde rivier ook afzettingen gevormd. Als de stroomsnelheid laag genoeg wordt, krijgt ze grind en zandkorrels niet verder vervoerd en vormen zich zandbanken in de rivier. Maar de rivier kan ook materiaal afzetten buiten haar stroomgeul.

Oeverwallen

In het laagland stroomt de rivier in grote kronkels die we meanders noemen. Normaal gesproken stroomt al het water van een rivier door haar stroomgeul. Als de hoeveelheid water echter toeneemt, bijvoorbeeld door hevige regenval in het achterland, kan de rivier buiten haar oevers treden. De stroomsnelheid in de geul ligt dan hoog. Buiten de geul verliest het water echter snel aan kracht. Direct naast de rivier ligt de stroomsnelheid dus veel lager. Bovendien wordt de kracht van de rivier gebroken door de planten die langs de oever groeien. Daardoor kan het water in het overstromingsgebied niet langer allerlei sedimentdeeltjes meevoeren. Direct naast de stroomgeul wordt dan met name zand afgezet.

Dit proces herhaalt zich bij iedere overstroming. Het gevolg is dat de rivier zelf zandwallen opwerpt, waardoor het moeilijker wordt om te overstromen. Er ontstaan natuurlijke dijken, de oeverwallen.

Komklei

De oeverwallen worden vooral opgebouwd uit de grovere sedimentdeeltjes. Het fijnere sediment, de kleideeltjes, kan nog wel door de rivier verder worden vervoerd. In het gebied achter de oeverwallen stroomt het water echter nog langzamer. Hier kunnen zich moerassen vormen, die alleen bij een zeer hoge rivierstand overstroomd raken. In het bijna stilstaande water van de moerassen kunnen ook de kleideeltjes neerslaan. Deze klei wordt komklei genoemd, omdat ze wordt gevormd in de laaggelegen gebieden (kommen) tussen de oeverwallen en het achterland. De kleibodems van de Betuwe zijn onder andere als komklei gevormd. De klei die op dergelijke wijze jaarlijks door de Nijl werd afgezet, was de basis voor het oude Egyptische rijk.

In Nederland vormen de rivieren geen oeverwallen meer. Deze zijn inmiddels overal vervangen door echte dijken, die een veel betere bescherming bieden.