15 februari 2007 heeft een Katwijkse viskotter een bijzonder gave schedel van een muskusos uit de Noordzee opgevist. De schedel dateert uit de laatste IJstijd en is tussen de 100.000 en 10.000 jaar oud. Schedels van Pleistocene muskusossen zijn zeer zeldzaam. Deze is één van de twee gaafste exemplaren in Europa. De schedel is tot en met 1 september 2007 te bezichtigen in de actualiteitenvitrine van natuurhistorisch museum Naturalis in Leiden.
Muskusossen kwamen in kleine aantallen voor in ons land, vandaar dat we de botresten slechts sporadisch tegenkomen tussen de honderdduizenden fossielen van IJstijdzoogdieren. Nederlandse museumcollecties en privé-verzamelingen zijn niet meer dan honderd botten van het dier rijk en het aantal schedelfragmenten is op de vingers van twee handen te tellen. De schedelvondst geeft veel nieuwe informatie en is daarom van wetenschappelijk belang. Aan de kop ontbreken alleen de hoornpunten, het neusbeen en de tanden. Van het gebit zijn wel de twee achterste kiezen bewaard gebleven. De schedel is eigendom van amateurpaleontoloog Klaas Post uit Urk.
De schedel van de muskusos is een van de dikste schedels van alle zoogdieren. Hij is opgebouwd uit centimeters dik been. Met name de kop van het mannetje. Tijdens gevechten rammen zij hun koppen met enorme kracht tegen elkaar. De hoorns lopen helemaal tot bovenop de schedel door en vormen een soort veiligheidshelm die de klap enigszins verzacht. Als ze met hun koppen tegen elkaar stoten, zijn muskusossen kilometers in de omtrek te horen.
Muskusossen gaan in een ring om hun jongen staan om ze tegen wolven te beschermen. Hun hoorns staan naar buiten gericht en vormen zo een ondoordringbare muur.
Muskusossen doorstonden met hun dichte wollen vacht temperaturen van tientallen graden onder het vriespunt. Ze leefden samen met mammoeten en de wolharige neushoorns. Toen het extreem koud werd in Nederland, vertrokken de mammoet en de neushoorn naar warmere streken, maar de muskusos hield stand en trotseerde de kou. Hoewel muskusossen veel weg hebben van runderen zijn ze meer verwant aan schapen. Muskusossen komen nu nog voor op de toendra's van Groenland, Alaska en Siberië.
Tijdens de laatste ijstijd was de muskusos een bewoner van de mammoetsteppe. Hij deelde dit leefgebied met de mammoet, de wolharige neushoorn en tal van andere diersoorten zoals het wilde paard, de steppenwisent en het rendier. Deze dieren werden bejaagd door wolven, leeuwen en hyena's. De mammoetsteppe was een zeer wijdverbreid ecosysteem: het besloeg de gematigde streken van vrijwel het hele noordelijk halfrond. Ook op de Noordzeebodem, die destijds droog lag, was de mammoetsteppe te vinden. Dit is de reden dat vissers vandaag vaak botten van ijstijdzoogdieren opvissen.
Viskotters woelen met hun zware boomkorren de bodem van de Noordzee om en krijgen zo vrijwel dagelijks botten van mammoeten en andere ijstijdzoogdieren in hun netten. Zo ving de Katwijkse kotter KW 49 op 15 juni 2007 de schedel van de muskusos. Dit gebeurde midden op de Noordzee, bij het wrak van de Logger, een van de vele scheepswrakken die op de bodem van de zee liggen en die bij vissers geliefd zijn vanwege de grote hoeveelheid vis die rond zo'n wrak zwemt.